Gediaboliseerd
Hoe ik tegelijkertijd Le Soir verdedig en veroordeel.
Ik herinner me nog goed de grote openbaring toen ik voor het eerst On Liberty[4] las. Daarvóór was ik, als kind van mijn tijd, wel voorstander van vrijheid van meningsuiting, maar niet noodzakelijk fervent voorstander. Ik had, zoals John Stuart Mill het uitdrukt, de gangbare doctrine van het vrije woord geërfd, maar niet bewust aangenomen.
Mill legt uit dat de vrije meningsuiting niet alleen een recht is van diegene die zijn mening wil uiten, maar vooral van diegene die wil luisteren: als de vrije meningsuiting niet gegarandeerd is, verliest de geïnteresseerde de mogelijkheid om met alle opinies in contact te komen, om ze passioneel te horen verdedigen. In detail legt Mill uit dat in contact komen met tegengestelde meningen, noodzakelijk is om zelf de weg naar de waarheid te vinden, onafhankelijk of je reeds vooraf gelijk had, of de ander gelijk heeft, of de waarheid in het midden ligt.
If all mankind minus one, were of one opinion, and only one person were of the contrary opinion, mankind would be no more justified in silencing that one person, than he, if he had the power, would be justified in silencing mankind.
→ John Stuart Mill[4]
