Beteuterde gezichten
Mijn laatste post over de Amerikaanse presidentscampagne dateert al weer van enkele maanden geleden. Ondertussen is er veel veranderd. Barack Obama (Dem.–IL) is ook aan deze zijde van de Atlantische Oceaan al lang geen onbekende meer, Obama Girl is uit de spotlights verdwenen. De grote partijen hebben op hun conventies officieel hun kandidaat-presidenten aangeduid, ook de kandidaat-vice-presidenten zijn bekend.
Ook de thematiek leek grondig gewijzigd, al komt hier en daar iets opnieuw bovendrijven. Het leek er op dat de economie dé inzet van de verkiezingen zou worden. Daar lijken Amerikanen net iets meer wakker van te liggen dan wat oorlogje spelen in Irak — en de leugens waarop die oorlog gebaseerd was, of de losse definitie van foltering die het met zich meebracht.
Barack Obama′s speech On Faith and Politics[1] lijkt een eeuwigheid geleden; maar nu de Republikeinse kandidate-vice-president Sarah Palin (Rep.–AK) in haar carrière in verschillende gradaties het onderwijzen van creationisme op school heeft verdedigt (maar niet zo ver gegaan is als het in Alaska bij wet verplichten), is de relatie tussen geloof en politiek opnieuw eventjes het maatschappelijk debat binnengedrongen.
Barack Obama sprak in de periode van de caucuses en primaries uitgebreid over ethics reform. Ook over dit onderwerp klinken tegenwoordig veel minder woorden en vloeit er minder inkt, maar toen Sarah Palin in haar eerste grote speech[2] haar (late) tegenstand tegen overheidsverkwisting (in het geval van the Bridge to Nowhere) oprakelde, kwam het probleem van de scheefgegroeide politieke cultuur weer even aan de oppervlakte.
Het moge duidelijk zijn: de intrede van Sarah Palin bracht leven in de brouwerij.